Betere praktijklokalen trekken meer havisten
10 juni 2010
Havo-leerlingen worden extra aangetrokken door natuurprofielen wanneer scholen hebben geïnvesteerd in practicalokalen en technische faciliteiten. Dat blijkt uit een effectmeting van de Regeling op Bètalokalen die in opdracht van Platform Bètatechniek is uitgevoerd. In 2007 heeft het ministerie van OCW voor deze regeling 20 miljoen euro beschikbaar gesteld om het bètatechnisch onderwijs een impuls te geven.
In de effectmeting zijn groepen scholen vergeleken die wel en geen gebruik hebben gemaakt van de regeling. Ook vwo-leerlingen kiezen vaker voor een natuurprofiel maar die toename wordt volgens de onderzoeksresultaten niet alleen veroorzaakt door de regeling. Volgens de scholen is er wel een duidelijk effect van de regeling op de bètavernieuwing. Door de vernieuwingen van de lokalen is het mogelijk om de theorie van bètatechniek meer toe te passen, waardoor leerlingen een beter beeld krijgen wat er in praktijk met bètatechniek allemaal mogelijk is.
Docenten en leerlingen tevreden
Onder docenten en leerlingen van de deelnemende scholen is de tevredenheid over de kwaliteit en kwantiteit van bètalokalen sterk toegenomen. Bètavakken worden meer in samenhang aangeboden aan leerlingen, vooral in de onderbouw. Op die manier worden jonge leerlingen al vroeg geënthousiasmeerd voor bètatechnische vakken. Ruim 90% van de respondenten schrijft dit toe aan de regeling.
Strenge voorwaarden
Om in aanmerking te komen voor de regeling moesten de scholen voldoen aan strenge voorwaarden. Van de 273 aanvragen zijn er 149 toegekend. Scholen zagen de regeling als een katalysator om de investeringen mogelijk te maken. Veel scholen hebben de investeringsplannen eerder uitgevoerd en financierden uiteindelijk meer dan de vereiste 50%. Gemiddeld hebben scholen zelf ruim 400 duizend euro bijgelegd, bovenop de verstrekte subsidie.
Vliegwieleffect
Twee jaar na de regeling komt de meting te vroeg om iets te zeggen over de doorstroom. Subsidies die zijn ingezet voor aanpassingen voor de onderbouw hebben over vijf jaar pas zichtbaar effect op de doorstroom. Niettemin is staatssecretaris Van Bijsterveldt verheugd met deze uitkomsten. “Deze regeling heeft een mooi vliegwieleffect. Vernieuwd bètaonderwijs trekt meer leerlingen, leidt tot betere samenwerking en vergroot de bètaprestaties van scholen”, aldus de staatssecretaris.
Havo-leerlingen worden extra aangetrokken door natuurprofielenwanneer scholen hebben geïnvesteerd in practicalokalen en technischefaciliteiten. Dat blijkt uit een effectmeting van de Regeling op Bètalokalen diein opdracht van Platform Bètatechniek is uitgevoerd. In 2007 heeft hetministerie van OCW voor deze regeling 20 miljoen euro beschikbaar gesteld om hetbètatechnisch onderwijs een impuls te geven.
In de effectmeting zijn groepen scholen vergeleken die wel en geen gebruikhebben gemaakt van de regeling. Ook vwo-leerlingen kiezen vaker voor eennatuurprofiel maar die toename wordt volgens de onderzoeksresultaten niet alleenveroorzaakt door de regeling. Volgens de scholen is er wel een duidelijk effectvan de regeling op de bètavernieuwing. Door de vernieuwingen van de lokalen ishet mogelijk om de theorie van bètatechniek meer toe te passen, waardoorleerlingen een beter beeld krijgen wat er in praktijk met bètatechniek allemaalmogelijk is.
Docenten en leerlingen tevreden
Onder docenten en leerlingen van de deelnemende scholen is de tevredenheidover de kwaliteit en kwantiteit van bètalokalen sterk toegenomen. Bètavakkenworden meer in samenhang aangeboden aan leerlingen, vooral in de onderbouw. Opdie manier worden jonge leerlingen al vroeg geënthousiasmeerd voorbètatechnische vakken. Ruim 90% van de respondenten schrijft dit toe aan deregeling.
Strenge voorwaarden
Om in aanmerking te komen voor de regeling moesten de scholen voldoen aanstrenge voorwaarden. Van de 273 aanvragen zijn er 149 toegekend. Scholen zagende regeling als een katalysator om de investeringen mogelijk te maken. Veelscholen hebben de investeringsplannen eerder uitgevoerd en financierdenuiteindelijk meer dan de vereiste 50%. Gemiddeld hebben scholen zelf ruim 400duizend euro bijgelegd, bovenop de verstrekte subsidie.
Vliegwieleffect
Twee jaar na de regeling komt de meting te vroeg om iets te zeggen over dedoorstroom. Subsidies die zijn ingezet voor aanpassingen voor de onderbouwhebben over vijf jaar pas zichtbaar effect op de doorstroom. Niettemin isstaatssecretaris Van Bijsterveldt verheugd met deze uitkomsten. “Deze regelingheeft een mooi vliegwieleffect. Vernieuwd bètaonderwijs trekt meer leerlingen,leidt tot betere samenwerking en vergroot de bètaprestaties van scholen”, aldusde staatssecretaris.