Column Tom Luken

19 Loopbaanontwikkelingen
door Tom Luken

Ik las laatst geboeid en met veel plezier ‘Spoetnikliefde’ van Haruki Murakami. In het spannende verhaal staan poëtische en interessante passages. Ik citeer er een van pagina 174. In dit stukje probeert de ik-persoon, een onderwijzer, uit alle macht na te denken over twee teksten die zijn vriendin geschreven heeft in haar dagboek, vlak voordat zij spoorloos verdween op een Grieks eiland. Hij hoopt door goed na te denken licht te kunnen werpen op haar raadselachtige verdwijning.

‘Wat belangrijk is, belangrijker nog dan grote dingen die in andere hoofden zijn gedacht, zijn de kleine dingen die je in je eigen hoofd denkt’, zei ik hardop tegen mezelf. Dat zei ik altijd op school tegen de kinderen. Maar was dat wel zo? Het is makkelijk gezegd. Maar daadwerkelijk met je eigen hoofd nadenken, al ging het om nog zoiets kleins, was angstaanjagend moeilijk. Sterker nog, hoe
kleiner datgene waar je in je eigen hoofd over nadacht, hoe moeilijker het misschien wel was.’

In het onderwijs wordt tegenwoordig alom geëist dat leerlingen reflecteren. Het begon bij hoogopgeleide professionals, werd vervolgens ingevoerd in het hbo, drong al snel door in het mbo en is nu ook in het vmbo een formeel bekrachtigd doel geworden. Zo lezen we in de preambule van de vmbo-examenprogramma’s: ‘Door te reflecteren op het eigen cognitief en emotioneel functioneren, leert de leerling zicht te krijgen op en sturing te geven aan het eigen leer- en werkproces.’ Onder meer ‘leert hij op doordachte wijze keuzeproblemen op te lossen’ en ‘op basis van argumenten tot een eigen standpunt te komen.’

Ik denk dat dit geen realistische en evenmin goede doelen zijn voor pubers in het vmbo. Ontwikkelingspsychologen waarschuwden al langer voor het overvragen van jongeren. De laatste twee decennia krijgen ze gelijk van hersenwetenschappers.

De rijping van de prefrontale cortex gaat door tot rond het 25e levensjaar. Dit deel van de hersenen speelt een essentiële rol bij onder meer het krijgen van overzicht, oordelen, van een afstandje naar jezelf kijken, met elkaar in verband brengen van gevoel en ratio en vooruitzien en plannen. Dit maakt reflecteren op het eigen cognitief en emotioneel functioneren en sturing geven aan het eigen
leer- en werkproces voor jongeren problematisch.
Pubers (en ook nog heel veel adolescenten, jongvolwassenen en zelfs volwassenen) zijn uitermate gevoelig voor sociale invloeden. Zo gevoelig, dat het vrijwel onmogelijk is om onderscheid te maken tussen meningen die van anderen (vaak eerst ouders, later leeftijdsgenoten) komen, en de eigen mening. Misschien moeten we zelfs zeggen dat de eigen mening bij de doorsnee puber nog niet bestaat. Of dat het ‘heel kleine dingen in je eigen hoofd’ zijn, waar Murakami het over had. Kiemen, die door aandacht en geduld bewust kunnen worden en zich dan verder kunnen ontwikkelen.

Voor leerlingen in het vmbo zal het vaak een probleem zijn om op basis van argumenten tot een eigen standpunt te komen. Als je koste wat het kost bij de groep wilt horen of aardig gevonden wilt worden, is het angstaanjagend om ‘met je eigen hoofd na te denken’. 

En wat als je wel iets vindt maar dit nog niet kunt beargumenteren? Als je dan toch argumenten moet geven, kun je daardoor juist je eigen mening kwijtraken. Het eigen standpunt zal van binnenuit moeten komen en nadenken en argumenteren kan het opmerken en volgen van signalen uit het innerlijk juist hinderen.

Het is uitermate waardevol als we jongeren, van vmbo tot en met universiteit, helpen om goed te leren nadenken. Onder meer aandacht en geduld voor ‘de kleine dingen in ons eigen hoofd’ is daarbij essentieel. Evenals leren stoppen met nadenken. Om dit soort dingen te leren is een programma nodig met een doordachte opbouw die rekening houdt met het ontwikkelingsniveau van de leerling.
Onrealistische doelen leiden onvermijdelijk tot frustraties. Bij alle betrokkenen.

Tom Luken is arbeids- en organisatiepsycholoog en werkt als onafhankelijk onderzoeker en adviseur bij loopbaanvraagstukken.

powered by sitecore