Er komt een nieuwe Cao-vo. De Aob doet niet mee
7 juni 2011
Op basis van de ledenraadpleging van de verenigingen die aangesloten zijn bij de Federatie Onderwijsbonden CMHF/MHP (zie onder), heeft de Federatie op 23 mei aangegeven te kunnen instemmen met het onderhandelaarsakkoord. Dit geldt ook voor de CNV-O. De Aob/ABVAKABO heeft alsnog het bereikte akkoord afgewezen, uiteraard betreuren we dit als onderhandelaars. Daardoor zal de cao dus ondertekend worden door de CNV-O, de Federatie Onderwijsbonden CMHF/MHP en de VO-raad. De nieuwe CAO-VO 2011-2012 zal door de werkgevers in het voortgezet onderwijs toegepast worden op alle werknemers in de sector, daarvoor is het niet nodig dat alle bonden tekenen.
Een akkoord met weinig plussen
Duidelijk is dat ook de leden van de Federatie Onderwijsbonden CMHF/MHP-verenigingen niet allemaal positief waren, de reacties liepen uiteen van zeer strijdbaar (massaal staken tijdens de examens) tot ‘het is goed dat er een cao komt, ik snap dat er op dit moment weinig te halen valt’. Uiteindelijk heeft 55% van de leden van onze verenigingen ingestemd met het bereikte akkoord.
Deze cao is het resultaat van anderhalf jaar onderhandelen met op de achtergrond een economische crisis en een nullijn van het kabinet. De speelruimte voor de loonruimte was daardoor zeer klein. Een loonstijging zou alleen kunnen worden bereikt door daar andere arbeidsvoorwaarden voor in te ruilen, daarbij moet dan gedacht worden aan bijvoorbeeld de kleine BAPO dan wel het trekkingsrecht (en die kende al de mogelijkheid van uitbetaling). Duidelijk is ook uit de berichten van de leden dat op dit moment op de scholen ook alle eindjes aan elkaar moeten worden geknoopt om de bezuinigingen van overheid op te vangen.
Het kleine beetje ruimte dat er was is vervolgens naar het OOP gegaan in de vorm van een ophoging van de eindejaarsuitkering. Daar waar de leraren in de afgelopen jaren allen op basis van het Actieplan LeerKracht er op uit vooruit gegaan zijn, bleef het OOP achter.
Werkdruk
Dit onderwerp heeft ons nog het langst bezig gehouden. Op basis van een enquête (met een teleurstellende respons van 19,3%) over de wijze waarop men de werkdruk geregeld zou willen zien hebben we lang het gesprek gevoerd over het in de cao regelen van de maximum lestaak. Op cao-niveau ontbreken echter de mogelijkheden om het taakbeleid op schoolniveau volledig dicht te regelen (deskundigheidsbevordering, opslag voor- en nawerk, maximum lestaak per week en de klassengrootte) vanwege de grote onderlinge verschillen.
Er bleef in de opties die op tafel kwamen naar ons oordeel te veel ruimte voor de werkgevers om de verlaging van de lestaak elders in het taakbeleid met werkdrukverhogende maatregelen teniet te doen. Te meer daar het vastleggen van de lestaak in de cao voor de werkgevers onlosmakelijk was verbonden met het schrappen van de tweederde bij wijziging van het systeem van taakbeleid.
Bovendien wordt de werkdruk door iedereen anders ervaren, voor de een zit dat met name in de lestaak terwijl het voor de ander weer juist in de overige taken zit.
Vandaar dat we er voor hebben gekozen om op dit punt de status quo te handhaven, we veranderen niets aan de huidige cao-tekst. In de nabije toekomst zal op de scholen in ieder geval door de plannen van de minister sprake zijn van tenminste 38 lesweken. Het is onze stellige overtuiging dat de spreiding van de lestaak over 38 weken zal moeten leiden tot een aanpassing van het maximum aantal lessen per week (750 uur over 38 weken geeft met inzet van het trekkingsrecht maximaal 23(,2) lessen per week)!
Leeftijdsfasebewust Personeelsbeleid
Uit de inzetten van de werkgevers van de laatste jaren moge duidelijk zijn: men wil de aanval openen op de BAPO. Deze aanval is met dit akkoord in ieder geval voor het komende jaar afgeslagen. Wel zijn we overeen gekomen om een onderzoek te doen naar de feiten rondom deze regeling en de mogelijkheden om te komen tot een regeling waarbij werknemers in alle levensfases aanspraak op verlof kunnen maken. Is het probleem voor wat betreft de betaalbaarheid wel zo groot? Is het niet juist een middel dat bij het langer moeten doorwerken van het personeel van belang zal zijn? Hoe zou een nieuwe regeling er uit kunnen zien? Vragen waar we in de komende tijd onderzoek naar zullen doen. Daarmee is dus nog niet gezegd dat daarmee de BAPO van de baan is.
De vakantie
Het wetsvoorstel spreekt van een vermindering van de zomervakantie van zeven naar zes weken en vijf roostervrije dagen voor de leerlingen. De keuze voor de invulling van deze dagen is aan de PMR. Om te voorkomen dat overal op schoolniveau de kastanjes uit het vuur zouden moeten worden gehaald en grote verschillen ontstaan hebben we bij cao geregeld dat het hier ook om vijf vrije dagen voor de docenten gaat. Voor sommigen was dat echt niet genoeg, maar doordat dit bij wet zal worden geregeld (en wij nu eenmaal niet de wetten kunnen veranderen in de cao) was dit wat binnen onze mogelijkheden lag. Overigens gaan deze roostervrije dagen pas in het schooljaar 2012-2013 in, maar hiermee hebben we in ieder geval een duidelijk signaal afgegeven!
Tenslotte
Naast deze hoofdpunten kent het akkoord ook nog maatregelen om de onbevoegdheid te bestrijden en een aantal kleinere onderwerpen zoals de BHV-toelage, het meenemen van de bindingstoelage bij het inschalen in een hogere functie en wat technische punten.
De onderhandelaars van de Federatie Onderwijsbonden CMHF/MHP, Sandra Roelofsen en Jilles Veenstra, zijn alles overziend van mening dat het toch goed is dat het VO weer een cao heeft waardoor de rechten van de werknemers na een cao-loze periode weer geborgd zijn.
NVS-NVL is als onderwijsorganisatie aangesloten bij de CMHF.