Actieplan Leerkracht van Nederland

Op 12 september 2007 presenteerde de Commissie Leraren, met A Rinnooy Kan als voorzitter het rapport: “Leerkracht” aan de minister. Als gevolg hiervan is een actieplan opgesteld, waarover binnen de CieFO van de federatie onderwijsbonden van de CMHF (waarin ook de NVSNVL vertegenwoordigd is) al verschillende malen gesproken is. Ik geef hier het commentaar op de verschillende onderdelen van het actieplan, zoals dit in de besprekingen naar voren is gekomen en ook meegenomen wordt in het verder overleg met OCW.


STERKER BEROEP.

  • Éen beroepsvereniging van leraren o.l.v.SBL(=Stichting beroepskwaliteit leraren en ander onderwijspersoneel).

De CieFOziet dit niet zo zitten,daar hebben we de verschillende beroepsverenigingen voor.

  • Éen landelijk-privaatrechtelijk-register onder SBL-gezag.

Dit staat nog ter discussie.De beroepsverenigingen verlangen een eigen positie hierin.Onder “gezag”van de SBL dienen de beroepsverenigingen “eigenaar”te zijn van de verschillende registers.

  • En scholingsfonds t.b.v. verwerven hogere kwalificatie.

Dit fonds komt niet op de afzonderlijke scholen, maar blijft een separaat fonds.Individuen,die zich aanmelden kunnen aangenomen en afgewezen worden, maar zijn niet afhankelijk van de toestemming van de scholen.De Cie is duidelijk van mening, dat dit scholingsfonds niet ten koste mag gaan van het scholingsrecht van de afzonderlijke leerkracht en het daaraan verbonden trekkingsrecht.Dit fonds is primair ten dienste van de arbeidsmarktproblematiek en voor de werving.Bij de CieFO zijn nog veel kritische vragen betreffende de toepassing van dit fonds (vakken achter de streep komen minder in aanmerking).Er moet nog veel helder worden.

  • Opleidingen onderhevig aan eindtermen en één eindexamen.

De CieFo staat hier positief tegenover.


PROFESSIONELE SCHOOL.

  • Versterking medezeggenschap.

Het doel is goed, maar is het reëel en haalbaar ?Meer faciliteiten in de vorm van tijd/scholing/geld en continuïteit zijn nodig.Een mentaliteitsomslag bij personeel en ouders is nodig.

  • Toezicht inspectie op kwaliteit personeelsbeleid.

De CieFO staat hier positief tegenover; niet zozeer inhoudelijk, maar meer of het in feite gebeurt.Als het personeelsbeleid een publieke zaak wordt, gaat er een prikkel van uit. Het imago van de school is er dan mee gemoeid.

  • Meer diversiteit personeel/meer OOP t.b.v. vermindering werkdruk leraren.

Akkoord, mits het geen verdringing wordt.De kernfunctie blijft: de leraar.


BETERE BELONING.

  • Carrière van 18 naar 15 (tot 2011) respectievelijk van 15 naar 12(na 2011)periodieken.

De CieFO merkt op, dat het zittende personeel hier niet zoveel voordeel van heeft.Wat betreft het loslaten van de automatische periodieken geldt, dat in het beleidsplan van de CieFO twee voorwaarden vermeld staan: 1 e Verkorting van de carrière-lijn en 2 e transparantie van het periodieken beleid.De huidige systematiek moet derhalve pas losgelaten worden, wanneer aan deze twee voorwaarden is voldaan, vooraf dus.De transparantie zou onder meer gewaarborgd kunnen worden door het toezicht van de inspectie hierop.


  • Niet langer automatisch een periodiek.

Voordat dit losgelaten wordt, moet er eerst voldaan worden aan de eerder vermelde voorwaarden.Verder moet het niet krijgen van een periodiek gekoppeld worden aan een negatieve beoordeling.Het verslag hiervan dient ter goedkeuring voorgelegd te worden aan de MR.

  • Eventuele bindingstoelage maxima.

Dit dient structureel te worden en niet eventueel.

  • Functiestelsel o.g.v. kwalificatie/ervaring/prestatie.

In deze voorstellen wordt de bekostiging van hoger hand meer gestuurd dan voorheen, ten koste van de autonomie van de afzonderlijke scholen in zake het verdelen van de schalen LB, LC,LD.Het huidige FuWaSys zal ook opnieuw bekeken moeten worden.

De CieFO staat hier positief tegenover, maar de realisering zal nog moeilijk worden.

  • Taakstelling inzake functiemix.

De CieFO staat in beginsel hier positief tegenover.

  • Meer beloningsdifferentiatie.

Ook hier geldt wat bij de automatische periodieken geldt.Goed personeelsbeleid is een eerste vereiste.Als dit gewaarborgd is staat de CieFO hier positief tegenover.

  • Tijdelijke arbeidsmarkttoelages voor vmbo en mbo in 4 grote steden en Almere.

Zou ook in de secundaire arbeidssfeer mogelijk moeten zijn.Een goede fiets is nooit weg.

  • Verhoging participatiegraad d.m.v. verhoging arbeidsduur (van 36 naar 40 uur per week).

1659 uur blijft ijkpunt en pensioengrondslag.Verhoging op vrijwillige basis;terugkeer moet mogelijk blijven.Als men meer deeltijders meer uren wil laten maken, dan zal de kinderopvang beter geregeld dienen te worden.

- BAPO afbouwen en vervangen door leeftijdsbewust personeelsbeleid.

De CieFO beschouwt dit als een sigaar uit eigen doos.

BAPO matigen is bespreekbaar. Maar w at staat er dan wel aan beleid tegenover voor grotere groepen personeel.

Nu heeft het de schijn, dat de BAPO afbouwen een opbrengst moet genereren voor de realisatie van het hele pakket van voorstellen uit het actieplan .

Gerard Polman

 

powered by sitecore